De lange adem van de kartrekkers in Limburg en Brabant

19 mei 2021

Om digitale gegevensuitwisseling in de geboortezorg te realiseren, heb je als bevlogen en betrokken eindgebruiker soms een lange adem nodig. Verloskundigen Mariëtte Frerichs, Ine Pennings, Naomi Satijn en Martine Kokkelmans zetten zich al geruime tijd in om digitale gegevensuitwisseling in hun regio voor elkaar te krijgen. Dankzij hun inzet zijn de regio’s Limburg en Brabant bijna zover om een VIPP Babyconnect subsidie aan te vragen.

In Limburg heeft Martine Kokkelmans een belangrijke rol gespeeld. Toen programmamanager Susan Osterop twee jaar geleden een presentatie over VIPP Babyconnect gaf in Limburg, was Martine degene die aan de slag ging. “Ik zit al jaren in de werkgroep digitale gegevensuitwisseling van ons VSV SamenZuyd. We hebben de afgelopen jaren al veel opties bekeken. Er gaat veel tijd verloren aan het overnemen van gegevens bij overdrachtsmomenten of er worden onderzoeken dubbel gedaan door gebrek aan informatie. Soms worden ook fouten gemaakt of er wordt minder optimale zorg verleend door incomplete gegevens. Ik zou heel graag meer effectiviteit en nauwkeurigheid willen bereiken in de samenwerking met de ketenpartners in de geboortezorg”, vertelt Martine.

Partner

Martine vond in Naomi Satijn een goede partner om Zuid-Limburg te mobiliseren om gezamenlijk het traject richting digitale gegevensuitwisseling te verkennen. Naomi is binnen haar VSV ook een echte kartrekker en krijgt de deelnemers van het VSV op een positieve manier betrokken aan tafel. Samen hebben Martine en Naomi de rest van de Limburgse VSV’s ook actief betrokken gekregen in het project.

Limburg

Veel informatiebijeenkomsten later zijn alle VSV’s in Limburg geïnformeerd. Veel voorwerk was door Martine al gedaan. Daardoor kon regio-ondersteuner Evelien Celissen samen met Martine doorpakken om een Limburg-brede aanpak uit te werken. Met RSO RZCC en ROS Robuust is nu een team gevormd om de regio te helpen met de subsidieaanvraag VIPP Babyconnect. Ze zitten nog in een spannende fase. Is iedereen bereid om mee te gaan? Hoe groot gaat het regionale partnerschap worden? Maar de regio zet vol in op een subsidieaanvraag in juni. “Zoals het er nu naar uitziet gaan we met de Limburgse VSV’s implementeren. Het ene VSV mogelijk in een ander tempo dan het andere, maar dat kan. Zo gaan we straks hopelijk bereiken dat informatie van alle zwangeren in Limburg gedeeld kan worden, onafhankelijk van waar ze onder zorg zijn”. Martine kijkt uit naar de volgende stap: “Gedurende het implementatietraject zie ik mijn rol als verbinder tussen de technische en bedrijfsmatige aanpak van het project en mijn collega zorgverleners op de werkvloer. Ik hoop voor hen de vertaling te kunnen maken naar de praktische kant en andersom de praktijk over te brengen naar de ICT-technici die ons netwerk gaan inrichten”.

Brabant

Net als in Limburg heeft Brabant twee verloskundigen die zich vol inzetten voor de invoering van digitale gegevensuitwisseling: Mariëtte Frerichs en Ine Pennings. In Den Bosch is Mariëtte al vanaf het begin betrokken. Zo laat ze in de eindgebruikersgroep zorgverleners haar stem horen. Ze is erg enthousiast en wil al jaren aan de slag. “Het is zo belangrijk dat iedereen kan blijven doen waar hij of zij goed in is en dat je in het systeem kan blijven werken dat bij jou past. En wanneer we digitaal gegevens gaan uitwisselen, ben je real time op de hoogte van wat er op dat moment speelt”, vertelt Mariëtte.
De lange adem en de jarenlange inzet van Mariëtte heeft ertoe geleid dat de regio op het punt staat om de subsidieaanvraag in te dienen. Bovendien is er nu een achterban die bereid is om mee te gaan. Regionale samenwerkingsorganisatie (RSO) RZCC kan penvoeder zijn. Met regio-ondersteuner Jolanda Liebregts wordt dit voor de regio verder ingericht en opgetuigd.

Optimale geboortezorg

Het afgelopen jaar is Mariëtte enorm gesteund door Ine Pennings van IGO Helmond. Ook zij is binnen haar IGO een echte kartrekker. Ine: “Het digitaal uitwisselen van gegevens binnen de gehele geboortezorgketen is een absolute randvoorwaarde voor het leveren van optimale geboortezorg. Dit is zo helder voor mij dat ik enorm enthousiast ben om samen met anderen dit te realiseren.” Daardoor is Ine zich altijd blijven inzetten. “Gelukkig na velen jaren van discussie, bedenken en zoeken naar mogelijkheden, is er nu de stip aan de horizon tot het digitaal uitwisselen van cliëntgegevens. Vanzelfsprekend met toestemming van de zwangere. Ik weet zeker dat het de kwaliteit van de geboortezorg in ons land verbetert en het dus de zwangeren en hun kindje ten goede komt. Ook voor de zorgverleners is het een enorme verbetering in de samenwerking. Het daagt mij uit om hierin mijn aandeel te hebben.”

Mariëtte en Ine zijn eindgebruikers die met hun inzet en lange adem helpen om in de regio tot mooi resultaat te komen. Nog een paar puntjes moeten op de i worden gezet om tot een subsidieaanvraag te komen.

In het hele land zetten betrokken en bevlogen eindgebruikers zich in om hun regio mee te krijgen. Dankzij deze enthousiaste kartrekkers komt veilige digitale gegevensuitwisseling in de geboortezorg steeds dichterbij.