Home » Vragen & antwoorden » Algemeen

Algemeen

Vragen & antwoorden

Wat doet het programma Babyconnect?
Het Programma Babyconnect maakt digitale informatiedeling mogelijk tussen zorgverleners en de zwangere/kraamvrouw, en tussen zorgverleners onderling binnen de geboortezorg. Het doel is naadloos aansluitende zorg voor moeder en kind(eren) rond de zwangerschap en geboorte, inclusief de overdracht naar volgende zorgverleners, zoals bijvoorbeeld JGZ, kinderarts of huisarts. Babyconnect werkt op twee manieren aan dit doel. Het programma ondersteunt twee pilot implementaties bij de invoering van deze nieuwe manier van werken (zodat in de praktijk blijkt dat het werkt) en Babyconnect maakt een praktisch stappenplan voor geboortezorgregio’s die digitale informatiedeling willen inrichten naar de behoefte van integrale geboortezorg.
Waarom moet de  informatie-uitwisseling in de geboortezorg verbeteren? 
Een zwangere/kraamvrouw en haar kind(eren) krijgen over het algemeen met verschillende zorgverleners te maken, bijvoorbeeld een huisarts, verloskundige, gynaecoloog, echoscopist, kraamverzorgende of laborant. Zorgverleners kunnen beter samenwerken als ze over de juiste zorggegevens beschikken. Dat kan door bevindingen tijdens de zorgverlening eenmalig te registreren, en vervolgens digitaal te delen met de andere betrokken zorgverleners. Overtypen of mondeling doorgeven is dan niet meer nodig. Dat bespaart tijd en vermindert de kans op vergissingen. Op dit moment is digitale informatie-uitwisseling tussen zorgverleners niet of beperkt mogelijk omdat hun systemen niet (goed) op elkaar aansluiten.
Wat is de toegevoegde waarde van Babyconnect op het gebied van informatiedeling in de geboortezorg?

Volgens de aanpak van Babyconnect staat in de informatiedeling niet het zorgspecialisme (zoals perinatologie) of de zorgorganisatie (zoals een ziekenhuis of verloskundigenpraktijk) centraal, maar de cliënt/patiënt zelf. Babyconnect regelt dat de uitwisseling van gegevens tussen zorgverleners onderling mogelijk wordt, ongeacht de organisatie waar zij werken of de software van het EPD dat zij gebruiken. En daarnaast wordt het mogelijk gemaakt dat de cliënt haar gegevens kan zien, ongeacht de PGO dat zij gebruikt. De zwangere beslist wie haar gegevens mag inzien en krijgt hierdoor daadwerkelijk de regie over haar zorggegevens. Zij is daardoor niet langer afhankelijk van de wettelijke bewaartermijn van 15 jaar die zorgverleners moeten bieden, maar kan levenslang beschikken over haar zorggegevens.

Is Babyconnect een product of een softwareprogramma voor een dossier?
Nee, geen van beide. Babyconnect is een samenwerkingsprogramma, dat ervoor moet gaan zorgen dat de bestaande applicaties of softwaresystemen met elkaar kunnen communiceren. Dat zal gebeuren via een register, oftewel een tussenstation. Dit register verwijst het softwaresysteem door naar de plek waar de informatie staat en haalt die dan op. Zie het als een grijparm die op allerlei plekken in plukjes informatie ophaalt en die dan toont op jouw scherm. Aan deze oplossing wordt al lang in Nederland aan gewerkt en Babyconnect maakt gebruik van de informatiesystemen die de geboortezorg nu al gebruikt.
Hoe worden de gegevens opgeslagen?
De opslag en het transport van de gegevens vinden plaats via beschermde verbindingen en een veilig zorgnetwerk. In dit netwerk zijn alleen zorgaanbieders aangesloten binnen de regio. Het gaat dus om een eigen netwerk, dat niet verbonden is met het publieke internet. Zo’n veilig zorgnetwerk kan beheerd worden door bijvoorbeeld een RSO (regionale samenwerkingsorganisatie). Niemand anders dan de zorgaanbieders binnen het netwerk – die toestemming van de cliënte/patiënte hebben gekregen en bij de behandeling zijn betrokken, kan bij de gegevens.
NB: Na de afronding van de twee pilot implementaties kunnen we een meer uitgewerkt beeld schetsen van hoe de gegevens opgeslagen en getransporteerd worden.
Wat is een RSO?
Een RSO is een regionale samenwerkingsorganisatie die samenwerking, communicatie en informatie-uitwisseling tussen zorgaanbieders onderling en met patiënten ondersteunt. Vaak beheren zij het regionale veilige netwerk voor zorgaanbieders. Voor meer informatie zie www.rsonl.nl
Hebben alle regio’s een RSO?

Er is nog geen landelijke dekking van RSO’s. Hier wordt wel aan gewerkt. Indien je regio nog geen RSO heeft en je met verschillende zorgaanbieders in de regio gegevens wilt gaan delen, kun je zelf een RSO oprichten. RSO Nederland kan regio’s hierbij helpen. Op de website www.rsonl.nl vind je meer informatie.

Hoe kunnen andere zorgverleners deze informatie dan inzien?
De zwangere of kraamvrouw heeft toestemming gegeven wie welke informatie mag inzien. Wanneer de zorgverlener gegevens nodig heeft voor haar deel van de zorg, dan wordt er via een register de juiste en toegewezen informatie naar boven gehaald. Deze informatie verschijnt in een scherm, ook wel een viewer genoemd. Dit scherm kun je (vooralsnog) niet bewerken; de informatie is puur ter inzage. De zorgverlener ziet per zorgstap de informatie die zij nodig heeft.

Een voorbeeld: stel je bent verloskundige en je wilt gegevens in het dossier van zwanger X aanvullen, dan doe je dat in je eigen systeem. Daar wordt deze informatie ook opgeslagen. Op het moment dat een andere zorgverlener, bijvoorbeeld een kraamverzorgende, jeugdarts of gynaecoloog, gegevens wil inzien van zwangere X, dan krijgt deze de voor haar zorgverlening relevante (en meest actuele) gegevens te zien. De gegevens die jij als verloskundige hebt aangevuld, kunnen daarbij staan (mits de zwangere hiervoor toestemming heeft gegeven).

Op deze manier zijn altijd de juiste gegevens, op het juiste moment, bij de juiste persoon te zien. Hierdoor worden de kansen op fouten in overdracht verminderd en hoeft de zwangere/kraamvrouw haar verhaal maar een keer te vertellen.

Er zijn geboortezorgprofessionals die al informatie kunnen delen met elkaar binnen een regio. Wat voegt Babyconnect hieraan toe?
Wat Babyconnect hieraan toevoegt is dat het programma werkt aan een aanpak waarbij alle – bij geboortezorg- betrokken disciplines informatie kunnen delen en uitwisselen met elkaar. Dit is nu nog niet mogelijk, maar hieraan is wel behoefte in het veld.

Het uitgangspunt van het programma is dat het niet uitmaakt met welke applicatie je als zorgverlener werkt om gegevens met elkaar te kunnen delen. Een ander uitgangspunt is dat Babyconnect bestaande oplossingen en organisaties die zich met gegevensdeling bezig houden samenbrengt.

Babyconnect werkt bovendien aan een benadering waarbij zorgaanbieders in de geboortezorg ook tussen verschillende regio’s gegevens met elkaar kunnen delen, dus buiten de eigen regio.
Een volgende stap is dat alle disciplines in de zorg informatie met elkaar kunnen delen.

Welke voordelen biedt het programma voor de zwangere/kraamvrouw?  
Cliënten krijgen meer regie op de zorg die zij ontvangen, zeker als er verschillende zorgverleners zijn betrokken. Zij kunnen hun zorggegevens gemakkelijk kunnen inzien en bepalen met wie zij hun zorggegevens delen. Babyconnect neemt de cliënt en/of patiënt als uitgangspunt. Samen met gebruikersgroepen van cliënten/patiënten, zorgverleners, zorgmanagers en statistici en onderzoekers wordt bedacht hoe het delen van gegevens in de praktijk moet werken.
Is het technisch mogelijk om op deze wijze gegevens te kunnen delen?

Ja dat is mogelijk. In 2016 en 2017 hebben twee regio’s deze manier van gegevens delen getest in een proefomgeving. Deze wijze van gegevens delen zullen alle betrokken geboortezorgaanbieders in de twee regio’s de komende periode in hun praktijken invoeren. Hiervoor zijn goede afspraken nodig, op technisch, juridisch en organisatorisch gebied.

De wensen en eisen van de gebruikersgroepen (cliënten, zorgverleners, zorgorganisaties en statistici) zijn leidend bij de invoering. Op basis van de ervaringen van gebruikersgroepen en de resultaten van de praktijkproeven stelt Babyconnect in het najaar van 2018 een landelijke aanpak voor informatiedeling binnen de geboortezorg op.

Welke regio's werken samen met Babyconnect?
Babyconnect is gestart in de pilotregio’s Amsterdam en Noord-Holland Noord. Binnen deze regio’s zijn in totaal 4 ziekenhuizen, 37 verloskundigenpraktijken, 44 gynaecologen, 54 klinisch verloskundigen, ca. 170 O&G verpleegkundigen en vele kraamverzorgenden en echobureau’s betrokken. De regio’s verlenen zorg aan ruim 13.000 zwangeren per jaar.

Verschillende geboortezorgregio’s hebben belangstelling getoond om met Babyconnect te starten. Zodra de oplossing werkt in de pilotregio’s, kan de invoering in andere geboortezorgregio’s starten. Heb je interesse, neem dan contact op met stichting CareCodex: info@carecodex.org.

Hoe verhoudt Babyconnect zich tot andere landelijke initiatieven die zich bezighouden met zorgbrede gegevensdeling?
Een van de uitgangspunten van Babyconnect is om te werken met alle oplossingen en ideeën die over de jaren ontwikkeld zijn. De ambitie om op een veilige manier gegevens te kunnen delen tussen verschillende zorgdisciplines en – verleners en zwangeren/kraamvrouwen is niet iets nieuws. Hier zijn verschillende partijen sinds enkele jaren mee bezig. Babyconnect sluit aan op de landelijke en internationale ontwikkelingen op dit gebied.
Wie werken samen binnen Babyconnect?  

Het programma organiseert de betrokkenheid van alle actoren in de geboortezorg: patiënten/ cliënten, zorgverleners, praktijken, ziekenhuizen en andere zorgorganisaties. Babyconnect is een actieprogramma van de Nederlandse geboortezorg en het ministerie van VWS, uitgevoerd door stichting CareCodex.

Andere betrokken spelers zijn leveranciers van applicaties, van netwerken, of regisseurs, dienstverleners, beheersorganisaties, netwerkbeheerders zoals RSO’s, ondersteunende instanties zoals ROS-en, RIVM, College Perinatale Zorg, Perined, Nictiz en koepelorganisaties binnen het huidige Bestuurlijk Overleg van de geboortezorg, zoals de Patiëntenfederatie, KNOV, NVOG, BO Geboortezorg. Daarnaast zijn er nog de koepelorganisaties die ook nauw betrokken zijn waaronder NCJ (waaronder JGZ), NVK, NVZ, FMS, NFU, Ineen en ActiZ. Tenslotte zijn ook overheidsinstanties betrokken, waaronder VWS, EZK, IGJ, ZiN, NZa, RIVM en gemeenten, en lokaal en regionaal partijen als Cliëntenraden, GGD, JGZ, Spoedzorg en andere zorgorganisaties.

Wat zijn gebruikersgroepen?

Er zijn vier gebruikersgroepen geformeerd: cliënten/patiënten, zorgverleners, zorginstanties en statistici. In deze groepen bedenken de deelnemers hoe het gebruiksvriendelijk delen van gegevens in de praktijk moet werken en aan welke eisen en wensen de oplossing moet voldoen. Deze eisen en wensen vormen de leidraad voor regio’s in het hele land voor de invoering van het digitaal delen van gegevens. Wil je meedenken aan de oplossing? Neem dan contact op met Anneke Kamer, a.kamer@carecodex.org.

Afkortingen en begrippen

In de (geboorte)zorg kom je veel afkortingen tegen. In dit document vind je een handig overzicht van allerlei afkortingen die worden uitgelegd. Ook een aantal begrippen die je tegenkomt in documenten over de subsidie of het programma Babyconnect wordt erin uitgelegd.

Heeft u een vraag die er niet tussenstaat?

10 + 5 =

Share This